Hoe is het om stage te lopen bij FPC Dr. S. van Mesdag?

Binnen FPC Dr. S. van Mesdag zijn er meerdere studenten van verschillende studierichtingen die stage lopen. Babeth loopt haar derdejaars stage bij de sociotherapie en doet de opleiding Social work. Megan heeft stage gelopen als behandelrapporteur. Op dit moment doet ze bij FPC Dr. S. van Mesdag een afstudeeronderzoek. Haar opleiding is HBO-rechten. 

Wat vinden jullie van je stage?
Babeth: “Ik merk dat er voor een patiënt een verschil is als ik iets zeg of dat een ervaren en oudere collega iets zegt. Ik vind mijn stage intens, maar ik haal er voldoening uit als dingen lukken. 
Ik moest erg wennen aan al die regels: wanneer mag een patiënt bellen, wanneer mag er bezoek komen, etc. Wat ik in het begin lastig vond is wat je wel en niet kunt zeggen over je eigen leven tegen patiënten. Dan vroeg een patiënt of het leven duur is in Groningen. Ik leerde eerst nadenken, wat vraagt deze man nu eigenlijk. Wil hij weten of ik in Groningen woon? Zo moet je voortdurend een afweging maken over je antwoorden. Ik keek het natuurlijk ook af van mijn collega’s.”
Megan: “Bij mij was de stage heel anders. Ik zat op kantoor en moest wennen aan alle termen die ik niet kende. Mijn stage verliep heel natuurlijk en prettig. Ik heb veel geleerd. Zo moest ik veel dossierwerk doen: vooral het opstellen van stukken voor het ministerie van Justitie en Veiligheid, die daarna ter zitting in de rechtbank behandeld werden. Mijn eerste taak was het schrijven van een verlengingsadvies. ‘Kijk maar hoe ver je ermee komt’, zei mijn stagebegeleider.”

Wat doet een stagiaire?
Babeth: “Na enige tijd werd ik mentor van een patiënt, moest ik een behandelplan voor hem schrijven, zijn doelen omschrijven en samen met hem een signaleringsplan. Elke dag hebben we een overdracht en wekelijks hebben we personeelsbesprekingen en breed patiëntenoverleg. Tegen vrienden en huisgenoten omschrijf ik mijn werk als ‘oppas voor patiënten buiten hun therapieën om’. In het begin wist ik de huisregels niet zo goed, dus ging ik akkoord als patiënten door de week vroegen of ze 3 eieren mochten gebruiken. Bleek dat dat alleen in het weekend mocht.”
Megan: “Je moet dus letterlijk en figuurlijk op eieren lopen, haha. 
Wat ik doe behalve stukken schrijven voor het ministerie, is het ondersteunen van de afdeling Diagnostiek bij het opstellen van het instroomonderzoek en notuleren bij commissies en behandelplanbesprekingen met de patiënt.”

Wat heb je zoal geleerd?
Megan: “Mijn schrijfvaardigheid is aanzienlijk verbeterd, ik heb geleerd om data in de gaten te houden, overzicht te krijgen en te plannen. En ik heb geleerd professioneel te communiceren, bijvoorbeeld via e-mails. Voor mijn studie zijn deze vaardigheden heel handig.”
Babeth: “Ik leer veel over de behandeling, over psychopathologie, over mezelf. Ik ben in het contact met de patiënt veel bezig met het bewaken van mijn grens wat betreft afstand – nabijheid. Als jonge vrouw kan ik niet alles zeggen. Een mannelijke collega-stagiair (sociotherapeut) zegt dat hij veel meer kan zeggen. Ik ben én jong én vrouw én stagiaire, als ik een patiënt dan moet vertellen dat hij niet naar buiten mag, dan voelt hij dat als denigrerend. Een jonge meid van 21, wat denkt ze wel niet.”

Image